Iedere winter komt het thema wel een keer langs, een keer weer naar het buitenland deze zomer of toch maar niet? Maar als we in het voorseizoen de nodige uren op het water hebben doorgebracht is het antwoord duidelijk. Geen flauwekul, we pakken kleding, boeken en proviand in en zien wel waar het schip strandt.
De binnenwateren hebben we redelijk verkend, durven we het aan om de Waddenzee op te gaan?
In een paar dagen koersen we met windkracht 3-4 voor de wind via Monnickendam, Enkhuizen en Stavoren richting Lauwersoog. Voor Brave Hendrik is het de IJsselmeerdoop, ondanks de wind (5-6) en redelijke golven gedraagt ze zich uitstekend. Qua trimmen proberen we alles uit- grootzeil en fok, rif in grootzeil, fok weg, uiteindelijk vaart de boot het rustigst op de fok met motor bij.
Een flink eind uit de kust van Enkhuizen komen we zeeverkenners tegen, die met volle zeilen half aan de wind varen. Dat zet je wel aan het denken, zijn wij dan zo voorzichtig?
De Brave Hendrik is een Huitema zeeschouw van 6.50 bij 2.50m. De boot is in 1964 gebouwd in Winschoten, bij de firma Reinek. In deze voor de scheepswerven magere jaren zijn er, voor zo ver wij weten, 6 van deze kleine Huitema schouwen gebouwd. De net gemonteerde rolfok bewijst goede diensten, dat hadden we eerder moeten doen.
Stavoren laten we links liggen, het is zulk prachtig weer dat we in een keer door varen naar Heeg. Via Eernewoude en Dokkum komen we door en door nat aan in Lauwersoog. Een bui in het zicht van de haven, het kan slechter.
In de prachtige verenigingskantine bij de haven is er warme drank en een leestafel. Ervaren waddenrotten geven graag tips. Eerst nog even het Lauwersmeer verkennen, mooi en ongerept. Op de vaart naar Zoutkamp staan oerrunderen met hun poten in het water, het is of je naar een Oud Hollands schilderij kijkt.
Schiermonnikoog blijkt een eitje en expres droog vallen onderweg is leuk als je maar weet hoe en waar. Daar hebben we de getijdentafel voor en de Vaarwijzer voor de Waddenzee, waar we de hele vakantie met plezier in zitten te lezen.
Van de grootte moeten we het niet hebben, wel van de uitstekende vaareigenschappen en de geringe diepgang (40cm) van de boot. Peilen is natuurlijk leuk en dan weten dat je er over heen kunt. Een platbodem hoeft geen file te varen.
Ameland wordt de volgende uitdaging en uiteindelijk bezoeken we alle Waddeneilanden, de omstandigheden zijn perfect. We banjeren langs de kust en zoeken mosselen. Nemen de vouwfietsen op de nek en verkennen de eilanden, met een stop bij een strandtent of het plaatselijke badhotel. Vakantie op de eilanden heeft een welhaast buitenlandse allure. Het is gezellig druk maar niet te. Behalve in de havens maar daar hoeven we toch niet te zijn.
’s Avonds hebben we het theater voor de deur, het roer wordt schoongemaakt, de onderkant geïnspecteerd, kinderen zijn bezig met schelpen verzamelen. En dan zijn er natuurlijk mensen die hun anker eindeloos verleggen voor ze tevreden zijn.
Zeilen, lezen, fietsen en lekker eten. Wind om je hoofd en eindeloze luchten, wat wil een mens nog meer?
Na 3 weken bereiken we Harlingen waarna we in een gezapig tempo de Friese meren afzakken richting de thuishaven. Friesland kennen we aardig maar het blijft verrassen. De stilte (Olde Faenen), de mooie plaatsen en de vriendelijke mensen. Avondzeilen in de kanaaltjes. Je zou er willen wonen!
I
n Wargea eten we de lekkerste maaltijd van de hele vakantie. Dina, de plaatselijke brugwachter, resideert in een kantoortje voor de pizzeria. Omdat men daar nog al eens last van muizen heeft, kunnen we die beter overslaan. De caféhouder even verderop heeft in ieder geval iets van aardappelen. Een kaart heeft hij niet, wel 3 soorten vlees en welgeteld één kroegtijger waarvan we alleen de rug te zien krijgen. We krijgen voor € 7,50 p.p. een uitstekende biefstuk, groente, gebakken aardappelen en salade. Dina heeft ons dan al getrakteerd op de portie leedvermaak van het dorp: de nieuwe brug buiten het dorp heeft kinderziekten. Hadden ze de oude route door het dorp maar moeten handhaven. Maar net als overal ligt de toekomst ook hier op de loer, een groot bord moet toekomstige kopers verleiden om riant te gaan wonen aan de staande mastroute.
Via Lemmer en Urk doen we Harderwijk aan, zoals zo vaak de laatste stop voor Nijkerk. De brug halen we toch niet meer. Bovendien zijn de heerlijke douches daar een verademing.
Met een laatste fles wijn in de kuip bespreken we de dromen voor volgend jaar.